|
Bussloo, 4 september 2005
Vandaag wordt er op het Recreatiegebied Bussloo de Bussloop gehouden. Het is een recreatief loopje waar vooral wat plaatselijke lopers en loopsters aan meedoen. Zelf kom ik kijken, omdat mijn vriend Henk Mentink deze loop organiseert en ik hem help met het opzetten van de start en finish… Het rondje is 2 km over het gras en het strand. Deelnemers mogen zelf weten of ze 1,2,3 of 4 ronden gaan lopen..Er zijn geen prijzen, iedereen krijgt gewoon een aandenken na afloop.
Terwijl ik aan het opzetten ben van de startboog staat er een klein blond meisje te kijken en ze loopt wat onrustig heen en weer….Ik loop naar haar toe en vraag of ze mee gaat doen? Jaah! Roept ze, ik ben er helemaal klaar voor. Hoeveel ronden moet ik lopen, wanneer is de start, waar moet ik me melden, mag ik wel meedoen?
Aan haar uitdrukking te zien en haar sportieve outfit en lichaam zie ik dat het meisje fanatiek is en ik vraag of ze wel vaker aan dit soort loopjes meedoet.
“nee hoor, of ja toch wel, ik heb pas geleden de halve marathon van Wenen gelopen met de groep uit Twello, van het Schol weet je wel?”..Zwaar! ik was helemaal kapot toen ik over de finish kwam. Wel 1 uur en 53 minuten gelopen, is dat goed?” . “ik loop nu een paar maanden mee met de loopgroep en ik vind het helemaal gaaf dat hardlopen! Maar ik skeeler ook nog en wandel graag, fiets veel, zwem met mijn moeder, kan niet stilzitten en moet dus wel sporten. Hardlopen vind ik helemaal mooi, hoe verder hoe beter”. En dat ging zo nog wel even door…. Voor me stond Ilse Pol, een meisje uit Twello, altijd aan turnen gedaan, een constante lach op haar gezicht, vrolijke blik in haar ogen, die me in een paar minuten vertelde dat ze in het hardlopen eindelijk haar sport gevonden had om haar energie in kwijt te kunnen. Ze was nogal druk van haarzelf (dat hoefde ze niet te vertellen, dat merkte je vanzelf) en had besloten om bij de loopgroep in Twello te gaan.
Dus de vraag die ik stelde werd beantwoord en ik kon erin opmaken dat ze nu een paar maanden aan hardlopen deed, 2x per week, daarnaast iedere dag wel een andere sport beoefende, en af en toe al een loopje had gedaan. Ik vertelde dat ze vandaag maar eens moest gaan winnen en ondertussen vertelde ik dat ik een loopgroep had in Apeldoorn en trainer was bij AV 34 in Apeldoorn. Om 11 uur was het startschot van de loop en na 1 ronde zag ik Ilse op kop doorkomen..”het gaat goed, wel zwaar”..riep ze. Ik dacht nog of ze wel alle 4 ronden zou gaan lopen , maar constateerde ook dat naarmate ze vaker doorkwam, ze steeds makkelijker ging lopen.
Ze finishte als 3e totaal (2 mannen zaten voor haar) . Ging goed, maar ben wel helemaal kapot..wat zwaar! Maar ik ga nu weg hoor, moet nog teruglopen naar Twello!” Haar drive om te lopen, haar directe gedrag en haar constante bewegingsdrang zette me wel aan het denken…Volgens mij loopt hier iemand met een talent die bij heel veel atleten ontbreekt: drive, passie, doorzettingsvermogen en superactief!.
Ik had destijds een winkel in Apeldoorn op het gebied van hardloopschoenen en kleding en na een week kwam ze bij me in de winkel. Ze had nog geen goede loopspullen en wilde wat nieuws en goed advies.. Het was zoals gewoonlijk (!) rustig in de winkel en we hebben na een uur gekletst te hebben afgesproken dat ze met me mee zou gaan trainen in de loopgroep.
En zo is het gekomen dat ik ineens een parel in de loopgroep had, die met wat specifiekere training ineens mega sprongen vooruit maakte. Ik bemerkte dat dit meisje geen stimulans nodig had om te gaan lopen, alleen maar kennis en specifieke training. Hier liep een supertalent! Zelf zag ze dat nog niet zo. Ze wist niets van tijden, wat ze wel of niet kon. Ze wist alleen maar dat ze het hardlopen heel erg leuk vond, al haar energie erin kon stoppen en dat ze het liefst iedere dag zover mogelijk wilde lopen.
Tijdens de baantrainingen en de duurlopen die ik met haar deed, merkte ik dat ze makkelijk mijn tempo meekon. Niet dat dit nog zo hoog is, maar ik maakte niet vaak mee dat een beginner een duurloop van 15 km kon lopen in een tempo van 13/14 per uur. En dat iemand 8 x 1000 meter op de baan meetraint als beginner, zonder te klagen en gewoon tussen de gevestigde orde van hardlopers haar rondjes liep. Op de vraag wat ze wil in de sport is Ilse ook vanaf het begin heel zeker van haarzelf. Ik wil de marathon lopen en zo hard mogelijk.
Een topsporter was gevonden! Iemand die keihard wil trainen, die alles aan de kant zet voor haar sport, die weet wat het doel is en die ook nog eens over het nodige fysieke talent beschikt. In de winter van 2005/2006 ging Ilse haar 1e echte wedstrijden lopen. Een 10 km in Nijkerk, Vaassen , een 10 EM in Twello. Ik kon mooi zien of ze door gerichte training de afgelopen maanden haar tijden kon verbeteren….en dat was meer dan verwacht!
Op de 10 km liep ze een 37 minuten, op de 10 mijl 1 uur en 3 minuten, en in het voorjaar op de halve 1 uur en 23 minuten. Tijden waar ik zelf in het 1e jaar van mijn loopcarričre niet aan toe kwam, Ilse wel. In het voorjaar van 2006 gebeurde echter iets wat ik mezelf ook verwijt…ze ging mee naar Barcelona voor de 10 km, maar besloot in overleg met mij om toch maar de dag voor de wedstrijd de afstand om te zetten naar de marathon. Het is zo gaaf om daar te lopen, zei ze , en ik zal rustig aan doen. Door haar enthousiasme besloot ik dat we dan samen zouden gaan lopen, maar dan heel rustig en langzaam. En dat hebben we ook wel gedaan.
Echter, zonder training, zonder lange duurlopen in de benen, nooit op de harde weg trainend een marathon lopen vraagt om problemen, zeker bij iemand die nog geen half jaar serieus hardloopt. Een stressfractuur in de voet was het gevolg.
Ilse was 4 maanden uitgeschakeld en mistte zo haar 1e baanseizoen en een heel groot gedeelte van specifieke wedstrijden om sneller te worden. Ook hier kwam het talent weer naar boven. Ilse ging niet stilzitten, nee, iedere dag zwemmen, wandelen, fietsen, skeeleren en zo kon ze na 4 maanden alternatieve training de draad weer goed oppakken. De zomer, najaar en winter van 2006/2007 hebben we vooral gebruikt om de techniek beter te maken, het lichaam sterker te maken en het uithoudingsvermogen te vergroten. De tempo’s zijn nog steeds niet maximaal en we hebben als doel gesteld dat gelet op blessures de weg van geleidelijkheid het beste is. Het doel is immers de marathon in 2010/2011 . De weg ernaar toe zal er een zijn van rustige opbouw, het lichaam voorbereiden op maximaal presteren op dat moment. En vooralsnog verloopt die weg zeer voorspoedig. Ik beloof Ilse een gouden toekomst! En zij en ik weten wat haalbaar is!
Titus Mulder - Trainer Ilse Pol
|